posts

Bliksem in slow motion

Ik las een boek. Eerst dacht ik: weer zo’n hard core leftie die iedereen
de schuld van alles geeft. Maar al snel ontdekte ik nuance. Gaandeweg
ontwaarde ik steeds meer diepgang. Als de academische schrijfster later
ook vanuit haar persoonlijke ervaringen schrijft maakt mijn waardering
plaats voor bewondering. Ik ben getroffen. De schrijfster is halfbloed
indigenous en dat maakt sommige van haar ervaringen niet alleen
vermakelijk maar voor mij als moderne blanke man ook beschamend.

De schrijfster heet Vanessa Machado de Oliveira (Andreotti). De titel
van haar boek luidt: Hospicing Modernity: de moderniteit nadert
haar einde, door haar met respect ten grave te dragen kan ze ons de
lessen leren die we nodig hebben om de vroedvrouw van haar opvolgster te
zijn.

Ik dacht eerst aan een samenvatting op deze plek, maar dat zou me heel
veel tijd kosten die ik in deze maand niet vinden kan. Gedurende het
lezen heb ik enkele passages aangestreept, eigenlijk doe ik dat nooit
maar ik vond ze zo treffend. Die bloemlezing van inzichten moge dienen
als een bliksem in slow motion. Here we go:

Eerst maar eens: wat is moderniteit? Door het boek heen komen een heel
aantal aspecten voorbij. Geloof in maakbaarheid, geloof in wetenschap
(wat dat ook moge zijn) en geloof in jezelf. Onderwijs gericht op het
boosten van ego’s (pg 43), contact maken obv identiteit ipv
menselijkheid, debat ipv dialoog.

Moderniteit herken je misschien het beste aan de beloften die ze maakt,
een droom waarvan pas later zal blijken dat ze voor de meesten van ons
nooit uit zal komen. Iets wat in het gehele boek terugkomt is dat
moderniteit van het idee uitgaat dat er één manier van weltanschauung
is, namelijk de natuurwetenschappelijke, die als (bijna onuitgesproken)
premisse heeft dat alles te vatten is in een theory of everything (ToE).
Dat die ToE er nog steeds niet is, is misschien wel de beste opmaat naar
haar perspectief.

Ik pretendeer niet haar nu al, na één keer lezen, volledig begrepen te
hebben. Nochthans deel ik hier mijn begrip van haar perspectief tot
zover (pg 229): haar perspectief is levend, door het op te schrijven,
het in regels te vatten, bevries je het. Het gaat erom wat jouw visie,
jouw perspectief betekent in de situatie waarin je je nu bevindt. Elders
en morgen zal dat vergelijkbaar zijn, maar anders. Je kunt niet alle
aspecten van zo’n perspectief vastleggen want dat zijn er oneindig veel.
Door haar toch te vangen veronachtzaam je onvermijdelijk al die andere
aspecten in andere situaties. Alleen al dat verordenen van een
verwoordbaar model zorgt voor epistemicide (pg 25, epistemicide =
delegitimiseren en elimineren van kenwijzen anders dan de
natuurwetenschappelijke).

Epistemicide is bij uitstek een moderne uitwas. Alles wat niet in ons
straatje past redeneren we wetenschappelijk naar de prullebak.
Correctie: niet wetenschappelijk maar dogmatisch. Veel hedendaagse
wetenschappers zijn dogmatici, ze zijn vergiftigd door het moderne virus
en kunnen niet meer vrij denken.

De wappie-framing tijdens corona is een voorbeeld. Ik vind het
intrigerend om te zien dat de onderbouwing voor de wappie-framing
dogmatisch was maar als wetenschappelijk werd geframed. En dat door
mensen die zich op hun wetenschappelijke status laten voorstaan.

Zoals ik het perspectief van vanessa en haar indigenous familie begrijp:
het is dwaasheid om te denken dat je alles kunt terugbrengen naar een
paar variabelen die vervolgens via een protocol automatisch tot de beste
interventie leiden. Maar zo zit steeds meer van onze samenleving in
elkaar en het lijkt steeds minder te passen. Scholen passen niet bij
kinderen, zorg past niet meer bij klanten (die nog steeds patienten
worden genoemd) en wetten passen niet meer bij onze ontwikkeling.

Op pg 117 komt ze met een voor mij uitdagende uitspraak: the most basic
chemical cocktail that modernity offers as a way of filling the gap left
by the restrictions in the production of serotonin consists of dopamine,
oxytocin, endorphins and adrenaline. This hypothesis suggests that
modernity’s material, intellectuel, affective and relational economics
create a neurofeedback loop where we become metabolically dependant on
this cocktail for feeling good temporarily.

De auteur is allereeerst een hoogleraar in onderwijs en zij komt met dit
inzicht op pg 210: hoe kunnen we jonge mensen in stedelijke
samenlevingen begeleiden in het stellen van grenzen om zichzelf te
beschermen tegen hun giftige omgeving, door hen te gronden in iets
anders dan hun ego of het narratief van waarde? … ons onderwijs laat
jonge mensen achter zonder intrinsieke waarde, waardoor ze vatbaar zijn
voor het gif van hun omgeving.

Tenslotte is het voor mij een genot te zien dat indegenous en Louis
Blanc op één lijn zitten op pg 231: doe wat nodig is ipv waar je zin in
hebt.

Ik ben nu steeds aan het denken: is wat ik hier denk een moderne
gedachte, en zo ja: wat veronachtzaam ik daarmee? Hoe moet dat nu met
mijn column hier? Is dat niet ook een modern idee: wie schrijft die
blijft?

Het enige wat ik mis in haar verhaal is een evolutionair
(bewustzijns)perspectief. Ik geef toe: dat is mijn stokpaardje.

Doe als de Machado d’Oliveira: embrace yourself as both cute and
pathetic, be courageously vulnarable.

Community Wealth Building

Schotland heeft dit jaar de Community Wealth Building wet aangenomen. Ik kom het net tegen en daarom breng ik jullie even op de hoogte. Voor sommigen is dit misschien helemaal niet nieuw, voor mij wel.

Uit die wet: Community Wealth Building (CWB) is an approach to economic development. It uses the economic power of ‘anchor’ institutions to try and stimulate and retain economic activity within a local economy.

Die wet schrijft voor dat de minister 5-jaarlijks een CWB-plan maakt en van de lokale autoriteiten wordt verwacht dat zij relevante (publieke) partijen bij elkaar brengen om samen zo’n plan op te stellen en uit te voeren.

De bovengenoemde approach bestaat uit 5 aandachtsgebieden, te weten:

  • Inclusive ownership – promoting employee-owned business, co-operatives, and social enterprises to ensure community wealth is generated and retained locally.
  • Workforce – Increase and prioritize fair wages and foster local labour markets.
  • Finance – Ensure investment flows and financial institutions cater to the needs of local people, businesses, and communities.
  • Land and Property – Leverage land and property assets to create social, economic, and ecological value. Increase community ownership and benefit from land and property.
  • Spending – Maximise community benefits through local procurement and commissioning.

Het idee is (althans zo begrijp ik het) dat deze 5 aandachtsgebieden in acht genomen worden bij het nemen van beslissingen. Het betekent bijvoorbeeld dat bij aanbesteding lokale bedrijven verkozen worden boven grote bedrijven. Het is allemaal geen rocket science, maar de common sense van deze wet was ergens in de markthectiek kwijtgeraakt en is nu hervonden.

Dit is niet helemaal nieuw. Het is langzaam gegroeid. Wat deze wet doet is een raamwerk bieden waarin bestaande initiatieven elkaar kunnen versterken en nieuwe initiatieven een voedingsbodem vinden.

Wat deze wet in mijn optiek vooral formaliseert is dat meer belangen gehonoreerd worden dan alleen de marktbelangen. En dat is mijns inziens, zoals ik al vaker betoogd heb, de kern van de nieuwe economie: dat we rekenen met ons, de planeet en de toekomst.

Interessant is dat aan bestaande wetgeving niets is gewijzigd. In de EU zouden we in princpe problemen krijgen met de aanbestedingswet want je mag niet als voorwaarde stellen dat een partij lokaal is.

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 143, juni 2026

min keer min is plus

ik heb eigenlijk twee problemen: we spaarden als klupje maandelijks zo’n 250 euro. met als bedoeling om daar mensen mee te helpen. die mensen komen dan een stap verder die ze zonder onze bijdrage niet zouden kunnen maken. zonder die bijdrage komen ze niet uit hun dead lock. mijn probleem is nu: nu dat we over zijn op het oorspronkelijke idee (samen delen): wat doen we met dat potje?

nog een ander probleem: leuk dat samen delen (heel leerzaam en verbindend en zo). maar zet dat nou echt zoden aan de dijk? ik bedoel: is dit niet gewoon symptoombestrijding? want waarom hebben sommige mensen tekort? dat is een hele diepe vraag en die diepte wil ik nu niet induiken, maar wel: als alle welvaart beter verdeeld zou zijn dan hoeven er helemaal geen tekorten te zijn. en met onze deelactie delen we alleen consumptie, geen welvaart, investeringen. hoe pas ik het freedom shares concept zo aan dat we niet (alleen) consumeren, maar ook investeren?

en toen ging er een simpel lampje branden: we gaan door met sparen en investeren dat in trickle-down-productie. voor die investeringen krijgen we dan geen aandelen. dat bedrijf wordt dan eigendom van zichzelf, net zoiets als BD Grondbeheer doet met grond. en hier kun je je allerlei crowdfundconstructies bij voorstellen. even zoeken: dat heet steward-ownership in goed nederlands.

trickle-down producten kopen betekent dan dat we samen op zoek gaan naar steward-owned bedrijven als we iets willen kopen. en als zo’n bedrijf er niet is, dan investeren we in zo’n bedrijf. hier alvast een kaartje van reeds bestaande steward-owned bedrijven:

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 142, mei 2026

Concrete vragen

We zijn begonnen. Maar niet zonder slag of stoot. Het blijkt toch lastig het concept helder te maken en vervolgens uit te werken. Nu zijn we sowieso een wat vaag klupje oudere mannen. We zijn ooit bij elkaar gekomen rond het originele idee van de freedom shares. Hebben dat idee vervolgens snel verlaten, en nu kronkelen we langzaam weer terug. Wie zijn die mannen en wat willen ze eigenlijk?

Bovenal zijn we daar zelf naar op zoek zo lijkt het soms. Het idee is simpel, dus laat ik het wat verder uitwerken. Dan komen de vragen vanzelf boven, en dat zijn er best een aantal. Ik herhaal eerst de kern zoals verwoord in Freedom shares gaan van start:

Het werkt alsvolgt: 1 freedom share kost 1% van je inkomen. Als alle freedom shares verkocht zijn dan delen we wat er in totaal betaald is voor al die shares door het aantal shares dat is verkocht en dat is dan de waarde van 1 zo’n share. Dat bedrag is bedoeld voor trickle-down-producten.

Hoe gaan we dat nou conreet doen? Gaan we geld overmaken, en wordt daar dan weer van teruggestort? En ook wanneer wordt die berekening gemaakt? Dat deze vragen nodig zijn laat het volgende rekenvoorbeeldje zien:

Arie verdient per maand 1.000 euro en koopt op 1 januari 5 freedom shares, dus hij betaalt 5% van 1.000 euro = 50 euro.
Op 1 januari zijn er dus 5 freedom shares en zit er 50 euro in de pot. Tezamen betekent dit dat op 1 januari 1 freedom share 50 / 5 = 10 euro waard is.

Beatrijs verdient per maand 2.000 euro en koopt op 2 januari ook 5 freedom shares, zij betaalt dus 5% van 2.000 euro = 100 euro.
Op 2 januari zijn er dus 10 freedom shares en zit er 150 euro in de pot. Tezamen: 1 freedom share is op 2 januari 150 / 10 = 15 euro waard.

Carel verdient per maand 1.000 euro en koopt op 3 januari 10 freedom shares, Carel betaald daarvoor 100 euro.
Op 3 januari zijn er daarom 20 freedom shares met een waarde van 12 euro 50.

Ergens in mijn hoofd zit het idee van een winkel. In die winkel kun je ook betalen met freedom shares. Dus in die winkel staan 2 prijzen bij bijvoorbeeld een fiets: 300 euro en 300 / actuele koers = aantal freedom shares. Dat aantal is afhankelijk van de koers en wisselt dus per dag:
Op 1 januari is de prijs van de fiets 300 / 10 = 30 freedom shares.
Op 2 januari 300 / 15 = 20 freedom shares.
En op 3 januari 300 / 12,5 = 24 freedom shares.

Je ziet dus dat de koers wisselt en het is dus van belang wanneer je je freedom share uitgeeft. Of leggen we per maand in en verdelen de inleg conform de afgesproken verdeling? Dit is zomaar een eerste vraag. Voor nu: we hebben een app waarin we onze inkomens en freedom shares bijhouden. Dat doen we nu 1 keer voor een periode van 3 maanden. Met een maandelijkse inleg.

En dan ook nog: die fiets moet wel trickle down zijn! Dus geen chinese troep? Of is het al voldoende groen dat de fiets geen benzine gebruikt? Dat is het gesprek dat we met elkaar aangaan. Tijdens een maandelijkse meeting bijvoorbeeld. Ook dit moeten we afspreken. Voor nu: we zien elkaar elke maand en gaan dan dat gesprek aan.

Wat is mijn inkomen? Dat is voor iemand in vaste loondienst misschien nog eenvoudig te beantwoorden, maar voor mij als zzp-er niet onmiddellijk duidelijk. Ik heb mijn inkomen alsvolgt berekend: ik heb opgeteld hoeveel geld er de afgelopen 9 maanden door mijn betaalrekening is gevloeid en dat door 9 gedeeld. Ik heb voor 9 maanden gekozen omdat eerder mijn tarief anders was dan de afgelopen 9 maanden.

We hebben afgesproken:
– je bepaalt zelf hoe je je inkomen berekent.
– je bepaalt zelf hoeveel freedom shares je wilt kopen.
– je bepaalt zelf wat jij trickle down vindt.
– over alledrie die de vragen zijn we open naar elkaar.
– op basis daarvan gaan we het gesprek aan, niet om elkaar te corrigeren of de maat te nemen, maar om elkaar te inspireren.

Gelukkig zijn er ondertussen 2 dames toegetreden. Ze houden ons bij de les!

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 141, apr 2026

Freedom shares gaan van start

Het gaat gebeuren! Ruilen is huilen, delen is spelen in het kort:

We willen met elkaar delen en tegelijkertijd het trickle-down-effect realiseren. Anders gezegd: ik wil graag delen, maar het moet wel ergens toe leiden. We hebben al een collectief kapitaal (CK) in Nederland, maar dat blijft toch een klup van gevers en nemers. Daar zitten ze zelf ook mee trouwens.

Wij gaan ook delen, maar wij gaan dat samen doen. Wíj́ gaan elkaar helpen om trickle-down-producten te kopen. Een trickle-down-product is een product waar de hele aarde wat aan heeft, niet alleen de grootgeldbezitters. Dat is iets dat we samen doen, er zijn geen gevers of nemers. Iedereen kan meedoen voor een zelf te kiezen deel. Ga je er vol voor dan zet je 100% van je inkomen in (idealiter), maar als je eerst de kat uit de boom wilt kijken kan je ook met 1% meedoen. Iedereen is welkom en ieder deel is welkom.

Het werkt alsvolgt: 1 freedom share kost 1% van je inkomen. Als alle freedom shares verkocht zijn dan delen we wat er in totaal betaald is voor al die shares door het aantal shares dat is verkocht en dat is dan de waarde van 1 zo’n share. Dat bedrag is bedoeld voor trickle-down-producten.

Op deze manier hebben we met elkaar onze inkomens gedeeld, ieder voor zoveel als zhij durft te delen. Of een product als trickle-down gekwalificeerd kan worden is een voortdurend gesprek tussen de deelnemers maar blijft ten alle tijde de beslissing van de eigenaar van de shares. We gaan elkaar dus niet de les lezen maar wel elkaar inspireren.

Dat is het idee. Ik heb het eigenlijk in een wat ballorige bui opgeschreven. Maar al snel waren er medestanders en vormden we een klupje. Vijf blanke grijze mannen. We kwamen meteen in de problemen, want sommigen boerden best goed, maar dat was aan hun inkomstenbelasting niet te zien. We hebben het oorspronkelijke idee maar laten varen. Vervolgens gingen we gezellig geld in een potje stoppen om daar medeburgers mee te ondersteunen. We dachten na over wie daar dan voor in aanmerking zouden kunnen komen en ondertussen groeide het potje verder.

Onlangs kamen er een paar mensen bij die minder te besteden hebben en toen bleek de tijd wél rijp voor het idee. Ik schrijf jullie om te melden dat we nu het oorspronkelijke idee alsnog gaan uitvoeren. We maken ons op voor een interessante reis. Eerste hobbel: we gaan aan elkaar vertellen wat onze inkomens zijn. Het is geen heftige hobbel, maar toch wel even…, nou ja. En daarna gaan we het gesprek beginnen waarin we elkaar inspireren met trickle-down.

Een probleem waar CK mee zit is dat ze juist bijstandsontvangers wilde helpen, maar alles dat bijstandsontvangers van CK zouden krijgen gaat direct weer terug naar de Soos, dus dat is niet handig. En vraag voor ons is: is dit ook voor freedom shares van toepassing? Dus als iemand daar iets over durft te zeggen dan zijn we zeer benieuwd.

Er is natuurlijk meer om over na te denken, maar we beginnen eerst maar eens hier!

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 140, mrt 2026

De raad van wijzen

De waan van de dag. Dat is misschien wel de belangrijskte reden om om over te willen stappen naar een professioneel kabinet. Ik heb ook wel een beetje te doen met ze. Neem nou Cohen en Timmermans. Ze zeggen een belangwekkende positie op om zich te weiden aan ’s lands bestuur. Maar dan moeten ze wel eerst de horde van de verkiezingen nemen. En als ze die dan niet halen, wat dan? De eer aan zichzelf houden? Dat klinkt als een schaamlap voor ik heb het niet gehaald en ga daarom maar wat anders doen.

Hoe kun je nou in zo’n heksenketel degelijke bestuurders kweken danwel aantrekken? Mijn beeld bij het professioneel kabinet is dat dat vooral de politieke dynamiek ten goede zal komen. Als burgers stemmen dan stemmen ze op vertegenwoordigers en niet op degene waarvan ze hopen dat die gaat regeren. Dat samenstellen van een regering is heel iets anders. Dat is een van de vele en belangrijke vragen rond het professioneel kabinet: hoe komt dat kabinet tot stand?

Is dat misschien iets voor de ministers van staat? En misschien kunnen we twee keer stemmen: een keer voor degene die mij gaat vertegenwoordigen, en een andere keer voor de minister-president. Die tweede kamer wordt dan eens in de vier jaar gekozen en niet iedere keer als een kabinet valt. En die minister-presdent kiezen we als de huidige er mee stopt. Hier zie ik een rol voor de ministers van staat als een raad van wijzen. De minister-president zit zolang als zhij de steun geniet van de ministers van staat. Idealiter hoeven de ministers van staat niet in te grijpen en maakt de huidige minister-president plaats voor de volgende generatie als zhij zhijn klus geklaard heeft. Een beetje zoals Duisenberg bij de ECB opstapte.

En dan de andere ministers. Ook daar kunnen we nog alle kanten op, dus laat ik proberen een kant op te gaan. Voor die ministers geldt hetzelfde: ook zij blijven zitten zolang als zij een bijdrage kunnen leveren. Maar wanneer vertrekt zo’n plucheplakker nou? Wanneer heeft zhij zhijn bijdrage geleverd? Hier kan de volksvertegenwoordiging een sturende rol spelen. Misschien kan de tweede kamer een minister ontslaan als zij vindt dat de minister onvoldoende in staat is gebleken het politieke sentiment te vertalen in constructief beleid.

Nou, het waren heel wat misschiens, maar dat is misschien wel zo eerlijk.

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 137, dec 2025

Het professioneel kabinet

Een professioneel kabinet is een kabinet dat niet geformeerd wordt uit de leden van de tweede kamer, maar wel bestaat uit ministers die voldoen aan drie criteria:
– inhoud: ze hebben gezaghebbende kennis van de materie van hun ministerie
– politiek: ze zijn in staat om politiek sentiment te vertalen in constructief beleid dat ze bovendien weten te integreren in een regeringsbrede visie
– bestuur: het zijn bekwame bestuurders

Het lijkt een beetje op wat ook wel een zakenkabinet wordt genoemd. Een belangrijk verschil is dat een zakenkabinet meewaait met het ritme van de verkiezingskalender. Mijn idee bij het professioneel kabinet is dat die ministers veel langer dienst doen dan vier jaar of minder en dat ze niet als club vervangen worden maar per stuk, steeds wanneer de tijd daar rijp voor is.

Ik sta op een kruising in mijn leven. De weg achter mij ging over het goede leven en de economie die daarbij hoort. Tijdens mijn zoektocht concludeerde ik dat die economie zal veranderen geinspireerd door onze bewustzijnsontwikkeling.

Maar nu, nu wil ik verder. Die economie blijft mijn aandacht houden, maar ik ga mij richten op mijn volgende project. Onze huidige economie is een symptoom van de pervasieve stoornis ook aangeduid als kapitalisme en de genezing is nabij, die komt ook wel zonder mij. Daar waar mijn project nieuwe economie een hoge mate van contemplatie kende wil ik nu actiever worden.

Ik wil mij de komende tijd druk maken om ons besturingssysteem, onze democratie. Ook omdat we met een beter besturingssysteem meer kans maken op zo’n nieuwe economie. En ik denk dat wat we doorgaans met zakenkabinet aanduiden daar een mooie rol in kan vervullen. Veel mooier dan je zou kunnen vermoeden naar aanleiding van ons jongstleden hybride voorbeeld, dat was gekaapt door onverbonden rechts.

Dit is mijn uitgangspunt: het profiel van een volksvertegenwoordiger is een heel ander profiel dan dat van een bestuurder. Als je het HR zou vragen tenminste. Hoe kan het dan dat we in de BV Nederland vertegenwoordigers voor onszelf kiezen en dat vervolgens uit dat gremium bestuurders worden gerecruteerd. En let op: recruteren is een eufemisme voor een spel dat soms ondoorgrondelijk, soms beschamend en soms ook gewoon koehandel is. En nu lijkt de tweede kamer soms de afvalbak voor degenen die de race naar de regering niet hebben volbracht. Ik chargeer, maar toch. Vooral teleurstellend is dat al die ministers zo kort op hun post zitten, dat is voor niemand goed.

Mijn idee is dus: we kiezen voortaan volksvertegenwoordigers die ons gaan vertegenwoordigen. Een separaat en asynchroon traject is het formeren van een regering. Ministers blijven aan zolang ze in staat zijn het sentiment van de volksvertegenwoordiging constructief te interpreteren en implementeren. Dus niet elke 4 jaar iedereen eruit en vervangen door mensen die vooral verstand hebben van politiek maar minder van de inhoud. Volksvertegenwoordigers en ministers zijn twee bloedgroepen, iemand die gekozen is in de tweede kamer kan pas minister worden na de volgende verkiezingen.

Dit is grofweg mijn plan: ik maak een lijst met kandidaten op de komende kieslijst voor de tweede kamer die achter dit idee staan. Uit alle partijen. Bij de volgende verkiezingen publiceer ik die lijst zodat kiezers die dit idee steunen op een vertegenwoordiger uit een partij naar keuze kunnen stemmen. Als dan een meerderheid in de tweede kamer dit idee omarmt dan zorgen we dat dit werkelijkheid wordt.

Er is nu een leuke trits aan vragen te beantwoorden, zoals: wanneer en hoe gaan die bestuurders in dat nieuwe stelsel geselecteerd worden? Ik ben ongetwijfeld niet de eerste met dit idee, wat is hier al over bekend? Hoe pak ik dit aan? En veel meer van dat soort vragen. Ik wil ze de komende tijd in deze column behandelen en jullie terloops de voortgang van dit project meedelen.

Begrijp me goed: deze actie van mij brengt geen bewustzijnsontwikkeling voort, maar in mijn visie is ons bewustzijn nu zo ver dat we klaar zijn voor deze stap. Of dat hoop ik tenminste.

Laten we in ’s lands belang hopen dat ik de volle 4 jaar krijg voor dit project. Of moeten we dit eerst eens op gemeentelijk niveau gaan uitproberen?

Ik zie uit naar jullie ideeen en commentaren.

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 136, nov 2025

Crisis, what crisis?

We zijn toch vooral problemen aan het oplossen. Maar waarom eigenlijk? Kunnen we niet gewoon doen wat past bij ons? Ik stel voor niet te kijken, althans ons niet te laten leiden, door wat er allemaal mis dreigt te gaan, maar door waar we ons toe aangetrokken weten. Dan lossen die problemen zich vanzelf wel op.

Op het eerste gezicht klinkt dit als onzin realiseer ik mij. Waar komt deze onzin vandaan en wat is er waar van deze onzin? Kijk even mee.

De aanleiding voor deze gedachte was de ontdekking van de inner development goals (IDG’s). Ik kwam ze onlangs tegen en was aangenaam verrast: transformational skills for sustainable development. We bring the power of inner development to global challenges faced by humanity.

Ik zie gelukkig steeds meer besef ontstaan dat de verandering in eerste instantie van binnen moet komen. Ik zoek even op ‘bewust’ op mijn linkspagina en vind 7 hits (in de volgorde waarin ik ze over de afgelopen jaren ben tegengekomen):
http://www.zelfbewustwording.nl/
http://www.bewustverbruiken.org/
http://bewustnederland.nl/
http://bewustamsterdam.nl/
http://nederlandbewustanders.nl/
http://bewustbollenstreek.nl/
http://bewustwinkelen.nl/

En dan is er ook nog:
http://www.bwst.nl/

Interessant aan deze lijst is dat pakweg de helft al niet meer bestaat…

Maar: de andere helft wel!

Het wordt ondertussen duidelijk dat we de 17 sustainable development goals (SDG’s) niet gaan halen langs het pad waar we nu op zitten. Wat is dat pad en waarom halen we het niet op die manier? Dat is natuurlijk een bere-belangrijke vraag, een die velen zich stellen en blijkbaar niet zo eenvoudig te beantwoorden is. Dit is het antwoord zoals ik dat begrijp uit de IDG’s: we zullen onze attitude moeten veranderen om tot werkelijke transformatie te komen. Ik noem dat altijd dat ons bewustzijn moet stijgen.

En dan zijn we weer bij het moeten uitgekomen. Ga dat maar eens vertellen: jouw bewustzijn moet stijgen. Wie ben ik om dat te zeggen en hoe doe je dat eigenlijk? Ten eerste: ik geloof er niet in dat ik jou ga vertellen wat jij moet doen. Maar ten tweede geloof ik wel dat ons bewustzijn aan het stijgen is, gewoon doordat de wal het schip keert. Ons huidige gedrag dwingt ons bewust te worden. Ik hoef jou dus niets te vertellen dan behalve dat ik je kan helpen bewust te worden.

Het gaat best ver, de IDG’s stellen zich voor dat ze de 18e SDG zijn. Dus laat ik daar even naar zoeken. Als ik zoek in ecosia.org naar sdg 18 dan vind ik een hele lijst, zoals dierenwelzijn, de ruimte en inheemse wijsheid, om er een paar te noemen. Maar de IDG’s vind ik niet bij de eerste tien. Dus even verder zoeken, en dit is er een: https://sdg18.de/

En ja, daar geloof ik ook in, zonder bewustzijnsverandering zijn de SDG’s ten dode opgeschreven. Maar ook: je kunt die bewustzijnsverandering niet engineeren zoals je misschien een windmolenpark engineert. Dit gaat om de mens zelf. Ik stel voor die uit te nodigen. Het is best een pad en ik ben ook maar pas onderweg.

Photo by Anita Austvika on Unsplash

Dus wat past bij ons? Ik denk dat de meeste mensen open staan voor bewustzijnsontwikkeling, dat is een pad dat je trekt. Dus als mensen luisteren naar de roep in zichzelf om bewustzijnsontwikkeling dan geloof ik dat het allemaal goed gaat komen.

Iets zegt me dat er nog iets niet klopt. Alles moet sneller, zelfs de transitie moet sneller. Was die stress niet juist de oorzaak van alle ellende? En we gaan het weer wetenschappelijk en integraal aanpakken. Wetenschap is tegenwoordig een dogmatische garantie dat god buiten de deur gehouden wordt.

Dit zou ik een paar jaar geleden nooit hebben opgeschreven: ik mis god wel in hun raamwerk. Je kunt ook naar de wereld kijken als naar een zich ontvouwend universum. Be part of it, dat is alles!

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 135, okt 2025

Remote view

Zo, nu ga ik op pad naar die nieuwe economie. In guts2trust (NMB 130) heb ik een paar eerste schetsen gemaakt. Ik geloof dat ik daar komen ga door aan den lijve te begrijpen wat dat is, telepathie enzo.

Dus wat kom ik tegen: in de Andere Krant 2025/33 van 16 augustus jl (https://deanderekrant.nl/2025-uitgave-33/) lees ik van Baptiste de Pape die remote viewing naar Nederland gehaald heeft. Hij organiseerde op 30 augustus een introductiedag in Zeist. Ik was erbij.

Photo by Jessica Lewis thepaintedsquare on Unsplash

Het was een hele kluif. Er kwamen veel beelden voorbij die ik herkende, maar ook perspectieven die nieuw voor mij waren. Het sloot wel naadloos aan op mijn beelden.

Eerst even, wat is remote viewen? Ik copieer maar even van de website van Pape: remote viewing club (https://remoteviewingclub.nl/): Remote Viewing is een techniek om met je bewustzijn voorbij tijd en ruimte te kunnen zien. Baptiste legde overigens uit dat er twee stromingen zijn en dat hij de stroming aanhangt die aan Stanford is ontwikkeld samen met de CIA.

Het idee zoals ik het begrijp: wij zijn onze drie/vierdimensionale wereld gewend. Maar ik veronderstel dat dat niet alles is. Ik vermoed het bestaan van andere dimensies waar wij mee kunnen interageren. Ons hart is in staat die andere dimensies gewaar te worden. In die andere ruimte is er geen tijd of plaatsbepaling. Via mijn hart kan ik die ruimte betreden en bewustworden. De stelling is dat alle kennis aldaar voorhanden is.

Wellicht de belangrijkste opmerking: je kunt alleen remote viewen als je in contact staat met je (hogere) zelf. Het vergt dus enige verlichting. Let op, mijn begrip van verlichting: verlichting is een keuze, elke dag weer.

Waar ik nog niet helemaal over uit ben: 30 augustus stond in het teken van voorspellen van financiele markten. Ik dacht nog: moet ik daar wel naartoe? Ik wil deze technieken bestuderen in het kader van de nieuwe economie, dat is een economie die gebaseeerd is op zorg voor ons, de planeet en de toekomst. Daarin is hebzucht niet zinnig, en dat is toch wel mijn eerste associatie bij het voorspellen van financiele markten. Ik ben dus toch gegaan, als het niet klopt dan weet ik dat ook weer. En ik ben aangenaam verrast. Baptiste gebruikte die financiele markten in ieder geval ook om herhaalbare experimenten te kunnen doen. En hij beweert interessante resultaten te boeken.

Waar het die dag ook over ging: remote viewing is een ding van het hart, maar onze hele cultuur is gericht op onze hersenen. Voor mij zijn mijn hersenen een deel van mijn ego. Heel mooi en waardevol maar niet sturend. Sturend is mijn hart, mijn zelf, en mijn ego is de uitvoerder. Maar veel mensen kunnen dat onderscheid niet maken. Ze denken dat ze hun gedachten zijn.

Zo bezien kom ik tot het inzicht dat we gevangen zitten in een paradigma dat op twee premissen steunt. Die van het materieel-reductionisme en het idee dat succes of geluk is wat we nastreven moeten.

Ik herhaal het nog maar eens: Krishnamurti zei het al heel treffend: when you are free you have no choice. Als je verlicht bent is succes niet meer je doel, maar de zorg voor ons, de planeet en de toekomst.

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 134, sep 2025