De chi van de levende economie

Ik wil vandaag graag eens de stand van zaken doornemen. In het kader van deze column is dat uiteraard met betrekking tot onze nieuwe economie. Mijn persoonlijke stand van zaken. Die is eigenlijk best saai. Ik ben een gewone zzp-er die zijn geld verdient als programmeur, meestal bij banken. In het wereldje van wereldverbeteraars ben ik dan eerder een echo uit het verleden dan een pionier.

Hoe heeft het zover kunnen komen? Of beter: waarom ben ik zo achtergebleven? Ben ik wel achtergebleven? Want waar zijn die anderen eigenlijk? Gebeurt er nou nog wat of is het allemaal schijn? Een oorlogje is voldoende om de kolencentrales weer op volle toeren te laten draaien, dus wat nou nieuwe economie?

Het is deze lading vragen, waar je er elke dag weer duizend nieuwe van kan stellen die mij ertoe gebracht heeft mijn boekje te schrijven. Al die vragen lijken relevant en zonder goede antwoorden gaat die nieuwe economie er niet komen. Althans zo voelt het voor mij, want die nieuwe economie kan natuurlijk ook per ongeluk ontstaan, zoals peniciline of de pil zijn ontdekt.

Misschien goed om even bij die twee stil te staan: wat die twee namelijk ook gemeen hebben is dat ze beide ontdekt zijn door mensen die weliswaar naar iets anders op zoek waren, maar vooral in staat waren om te vinden. Anders gezegd: ze volgden hun nieuwsgierigheid en stonden open voor wat zich aandiende. Het punt hier is natuurlijk dat dag en dagelijks zich allerlei opportuniteiten voordoen, maar dat de meesten daarvan niet verzilverd worden. En dat zullen we nooit weten, want we weten het alleen van die paar opportuniteiten die wel verzilverd werden.

Terug naar mijn boekje. Ik heb het in eerste instantie vooral voor mijzelf geschreven. Mijn hoofd was een draaikolk van ideeen waar ik maar geen lijn in kon vinden. Oh ja, dat is ook wel aardig om te zien: ik zag wel steeds kleine lijntjes. Alsof ik roerde in een grote pot met aminozuren waar zich dan bij tijd en wijle flarden dna vormden. Maar los zand, de flarden vormden geen chromosomen. Want laten we wel wezen: hoe kun je je een chromosoom voorstellen als je alleen maar een pot met aminozuren hebt?

De nieuwe economie voelt voor mij een beetje als een pot aminozuren. En daar sta ik dan in te roeren, haha! Dat is een beetje mijn doel met het boekje: de chromosomen van de nieuwe economie beschrijven. En dan nu: denk ik nou echt dat ik door maar lang genoeg in die pot te roeren die chromosomen tot leven kan wekken? Wat de chromosomen van de nieuwe economie zijn, daar heb ik nu wel een beeld bij, maar wat is leven? Het lijkt er toch op dat chromosomen geen leven vormen of zijn, ze zijn de drager van het leven, maar het leven zelf, wat is dat nou?

Als je allemaal chromosomen bij elkaar stopt, gaat dat dan leven? Als een soort monster van Frankenstein? Of is er nog iets anders nodig, chi of zo? Ik denk dat laatste. En misschien geldt dat ook wel voor onze nieuwe economie. Je kunt wel allemaal nieuwe instituties bedenken, maar dat gaat pas leven door de mensen die daar bewust inhoud aan geven. Dat geldt bijvoorbeeld voor democratie, die institutie is wel aanwezig in Rusland en China, maar functioneert daar niet zoals ze bedoeld is door gebrek aan bewustzijn, door gebrek aan chi.

In die zin heb ik me misschien lange tijd alchemist gewaand. Ik weet nog wel dat het belangrijkste inzicht dat mijn boekje mij bood was dat die nieuwe economie ontspruit uit ons bewustzijn. De ondertitel “The evolution of our consciousness drives the evolution of our economy” heb ik pas de laatste maanden van mijn 5 jaren schrijfwerk ontdekt. Het schrijven was de ontdekkingstocht zelf, pas aan het einde daarvan vond ik iets anders dan ik had verwacht, gehoopt, gedacht. Voor de goede orde, wat ik vond was: ik kan helemaal geen nieuwe economie maken, ik kan mij alleen maar gedragen zoals dat past in de nieuwe economie, en als anderen dat ook doen, dan hebben we samen die nieuwe economie tot leven gewekt.

In die zin lijkt onze huidige economie een dode economie, alles wat er gebeurt is een verzameling mechanische acties. Wij zijn als subjecten willoze slachtoffers van onze ego’s. Bewustzijn zal onze economie tot leven wekken, onze nieuwe economie is vooral een levende economie van bewust handelende mensen.

Ik denk dus dat de nieuwe economie het resultaat is van de gecoordineerde handelingen van bewuste mensen. Dus de stand van zaken is dat ik op de goede weg ben omdat ik mij in mijn handelingen al bewust ben van die ander. En ik kom steeds meer mensen op die weg tegen. Maar er moet mij wel iets van het hart: als zzp-er kan ik een leuke prijs vragen, want van mijn soort zijn er te weinig. Maar dat betekent dan wel dat anderen, zoals de schoonmakers, minder kunnen krijgen. Hier wringt iets en hoe los ik dat nou op? Misschien mag ik zeggen dat het stellen van deze vraag dan weer een eerste stap op die weg is?

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 100, juli 2022

Teveel of te weinig betalen, dat is de vraag

Het was een gewoon huis in een gewone straat in een gewone stad. Niets bijzonders. In Duitsland, dat wel. In Mönchen Gladbach om precies te zijn. Ik werkte daar als freelancer bij een bank, zoals voor mij te doen gebruikelijk. Het huis was van Ralf en ik huurde de zolderetage. Mijn peid-a-tèrre. Flink doorgassen `s morgens vroeg vanuit Amsterdam doe ik die Strecke in anderhalf uur, maar dat vijf dagen in de week is toch wat teveel van het goede.

Voor Ralf is mijn huur zijn pensioen. Tsja, Ralf doet zijn pensioen in zijn uppie, maar eigelijk zit het hele pensioenstelsel zo in elkaar. Dus eigenlijk niets nieuws onder de zon. En toch hè, je zal maar geen huisje te verhuren hebben, dan wordt het AOW. Ik blijf het een raar idee vinden.

Je kunt de Hitch Hiker’s Guide to the Galaxy zien als een losse verzameling aanklachten tegen de anomalieën van onze tijd, kunstig ineengevlochten tot een drieluik in vijf delen (Marvin, de depressieve robot, is mijn favoriet). Een van die aanklachten is mooi geschilderd in het verhaal van de kolonisatie van onze aarde. Ik laat die even aan jullie speurneuzen, maar dit neem ik er uit mee:

Stel de aarde wordt onbewoonbaar, en we gaan met zijn allen naar onze reserveplaneet. Hoe verdelen we die poet dan? Eén manier zou zijn om ieder een deel te geven gelijk aan wat hij nu bezit. Dus de helft van die nieuwe planeet voor acht mensen (dat is de huidige stand in onze mondiale rat race), die andere helft voor 1% van de bevolking. En de rest krijgt niets.

Misschien zouden we kunnen beginnen met een jubeljaar denk ik dan. Voor de minder bijbelvaste medeleden: Elke zeven jaar verordonneerde de joodse wetten een sabbatsjaar waarin er geen landbouw bedreven werd, om het land tot rust te laten komen. En eens in de zeven sabbatsjaren was er een jubeljaar, in dat jaar werd alle verhandelde grond teruggegeven aan de oorspronkelijke eigenaar. Het schijnt dat dat jubeljaar maar een keer geëffectueerd is, maar ik laat me daar graag over bijpraten als dat anders is. Ik kan het me wel voorstellen…

De afgelopen jaren heeft zich in mijn denken een centraal verklaringsthema genesteld: bewustzijn. Zowel hoe dingen begrepen worden als hoe ze uitwerken hangt den diepste samen met het bewustzijn(sniveau) van de actor. Het boven geschetste scenario zal zich voordoen als er weinig bewustzijn is. Ik geloof er in dat het bewustzijn van de mensheid stijgt en dat betekent dat het verdeelscenario hierboven steeds minder waarschijnlijk wordt.

In de 17e eeuw zaten we op een kantelpunt. Ik heb met grote interesse de ondergang van de batavia gelezen. Voor de westkust van Australië lijdt de Batavia schipbreuk. De schipbreukelingen spoelen aan op twee eilandjes voor die kust. Het interessante is dat op die eilandjes twee verschillende dynamieken ontstaan. Op de ene wordt samengewerkt, op de andere staat een heerser op. Die heerser gaat vervolgens op rooftocht bij de buren, maar in hun gezamelijkheid slaan de buren zijn aanval af.

Eén manier om dit voorval te duiden is dat het bewustzijn nog niet zo ver was dat op beide eilandjes een samenwerking ontstond. Op één eilandje was de distributie van bewustzijn al voldoende, maar op het andere nog niet. Ik denk dat als de Batavia heden ten dage zou vergaan die heerser geen kans meer zou maken. De heersers die we nu nog hebben zijn relieken uit vervlogen tijden en kunnen zich alleen nog maar met steeds groter machtsvertoon staande houden, het is een aflopende zaak.

Maar voorlopig hebben we de aarde nog verdeeld mbv de sleutel hierboven geschetst en daarom moet Ralf zijn pensioen bekostigen uit de verhuur van zijn zolderverdieping. Toen ik vertrok kwam ik mijn laatste huur betalen. Er was wat rekenwerk en wat geschuif met geld en toen raakten we even de kluts kwijt. Ik liet mij ontvallen dat ik in ieder geval niet te weinig betalen wilde. Direct daarop antwoorde de vrouw van Ralf dat zij zeker niet wilden dat ik teveel betaalde. Zie hier, ons bewustzijn was gelukkig voorbij onze ego’s geëvolueerd. Ik schrijf dit vooral omdat je kunt zeggen dat het betalen van huur ter bekostiging van pensioen een archaïsch protocol is, maar ik begrijp dit liever als dat ons bewustzijn daar een zorgzame handeling van maakte. Ik kijk terug op een genoeglijk verblijf in Mönchen Gladbach.

eerste publicatie: nieuwe mensaberichten 102, okt 2022